Governance and Global Affairs Blog

Studenten perspective: Een succesvolle lobby: het geheim van de chef

Studenten perspective: Een succesvolle lobby: het geheim van de chef

In de wetenschappelijke literatuur is er veel discussie over de impact van lobbyisten. Waarom zijn ze in sommige omstandigheden heel invloedrijk, en hebben ze in andere situatie weinig tot geen impact op politieke beslissingen?

In een aantal blogs laten we vier studenten aan het woord die voor het vak Public Affairs (Bachelor Bestuurskunde) van Dr. Bert Fraussen de opdracht kregen een blog te schrijven over dit thema, waarbij ze dit vraagstuk vanuit verschillende invalshoeken benaderen.

Deze keer Wouter Jorissen over Een succesvolle lobby: het geheim van de chef

Dat er geen universeel recept is voor een succesvolle lobby mag duidelijk zijn. Waar een lobbyist de ene lobby tot een succes maakt, loopt de ander uit op een mislukking. Wat maakt een lobby nou succesvol? Is dat een gunstige samenloop van omstandigheden, of ligt dat aan de kwaliteit van de lobbyist? Of misschien zelfs allebei?

Ik ben op zoek gegaan naar het beste recept voor een succesvolle lobby. Ik kan alvast verklappen: dat heb ik niet kunnen vinden. Wat ik wel heb gevonden zijn twee onmisbare ingrediënten voor een succesvolle lobby en twee zaken die roet in het eten kunnen gooien. De onmisbare ingrediënten, namelijk een goede strategie en controle over de agenda komen eerst aan bod. Vervolgens zal ik de twee zaken die roet in het eten kunnen gooien, namelijk het afwegingskader van beleidsmakers en transparantie, behandelen. 

Invloed is een lastig meetbaar begrip en het kent vele uitingsvormen. Banfield (1961) zette een vijftal uitingsvormen op een rij, waaronder het uitoefenen van invloed door het verbeteren van de logica en informatie van de beïnvloedde. Dat klinkt nogal sturend, maar werkt het ook? Frans van Drimmelen, directeur van public affairs-kantoor Dröge en Van Drimmelen legt in de Volkskrant uit hoe hij dat doet: ‘Niet je hand ophouden, maar informatie delen; het belang van de ander zoeken en daar het eigen belang aan toevoegen, dat zo een gezamenlijk belang kan worden’ (Korteweg, 2015).

Of zijn lobby succesvol was? Jazeker. Hij zorgde ervoor dat er in Barendrecht geen CO2 onder de grond werd opgeslagen, terwijl het voorstel al door de Tweede Kamer heen was.
De juiste strategie en tactiek koppelen aan beleidsomstandigheden is ook volgens Lowery (2013) een hoofdingrediënt voor een invloedrijke lobby. Dat heeft Van Drimmelen dus slim aangepakt.

Naast een goede strategie is ook agendabepalend vermogen een belangrijk bestanddeel voor een succesvolle lobby. Baumgartner et al. (2009) stellen dat de meeste lobbyisten er niet eens in slagen om hun belang op de agenda te krijgen. Agendasetting wordt ook wel omschreven als ‘the second face of power’ (Lowery, 2013). Wie controle heeft over de agenda, bepaalt namelijk de richting van politieke discussies. Gecombineerd met de juiste strategie is het de ideale cocktail voor een succesvolle lobby.

Om als lobbyist invloedrijk te zijn moet je dus in ieder geval de juiste strategie hebben en in staat zijn de beleidsagenda mede te bepalen.

‘Lobbyen? Piece of cake!’ zou je denken. ‘Ik hoef dus alleen een juiste strategie en een plekje op de agenda te hebben?’ Zo makkelijk gaat dat helaas niet. Wat beperkt dan juist de invloed van een lobby en wat moet je dus vooral niet in je recept gebruiken?

De sleutel tot een succesvolle lobby ligt niet alleen bij de lobbyist, maar zeker ook bij beleidsmakers. Een beleidsmaker kan een lobby maken of breken. Hij is namelijk uiteindelijk degene die de afweging maakt tussen verschillende belangen en kiest of de belangen van een lobbyist wel-of niet worden meegenomen. De invloed van een lobbyist op het te maken beleid is dan ook lastig te meten en kan teniet worden gedaan door het afwegingskader van de beleidsmaker.

Naast het afwegingskader vormt ook transparantie een bedreiging voor een lobbysucces. De roep voor meer transparantie en regulering in de lobbywereld is volgens Fraussen & Braun (2018) logisch. De invloed van transparantie op de invloed van lobbyen is echter niet onomstreden. Brockhaus (2014) noemt enkele argumenten waarom transparantie de invloed van een lobby negatief beïnvloeden. De vrees voor concurrentie van de lobbyist enerzijds, en de vrees van de politicus om bekend te staan als iemand die ontvankelijk is voor beïnvloeding anderzijds maken dat transparantie een negatieve invloed heeft op de invloed van een lobbyist (Brockhaus, 2014).

Daarnaast wijst ook de praktijk uit dat transparantie niet altijd in het voordeel van een lobby werkt. De recente commotie rondom de dividendbelasting is daar het levende voorbeeld van. Het bekend worden van de rol van Unilever heeft de lobby voor de afschaffing ervan de das om gedaan. Als de befaamde memo’s nooit het daglicht hadden gezien, had het beleid er misschien heel anders uitgezien.

Aandacht voor alleen observeerbare uitoefeningen van invloed kan veel missen (Lowery, 2013). Een plek in de schaduw kan voor veel lobbyisten dan ook wenselijk zijn. Misschien zien wij dus alleen het topje van de ijsberg en zien de meest succesvolle lobby’s nooit het daglicht. Kunnen we dan wel het recept voor een succesvolle lobby ontdekken? Waarschijnlijk niet.

Wat een lobbyist dus in ieder geval invloedrijk maakt is een goede strategie en een agendasettend vermogen. Hij moet onthouden dat beleidsmakers uiteindelijk de afweging maken en dat het daglicht gevaarlijk kan zijn.

De onmisbare ingrediënten heb ik dus kunnen vinden, maar het beste recept voor een succesvolle lobby blijft het geheim van de chef.

Add a Comment

Name (required)

E-mail (required)

Your own avatar? Go to www.gravatar.com

Remember me
Notify me by e-mail about comments